Gemiddelde leeftijd eerste keer moeder opnieuw gestegen
Nederlandse vrouwen wachten langer met kinderen krijgen, maar de kinderwens blijft sterk.
© Getty Images

Vroeger was het normaal: trouwjurk aan op je 22ste, een kinderwagen voor je 24ste. Vandaag de dag worden vrouwen pas na hun dertigste voor het eerst moeder. Volgens nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) is de gemiddelde leeftijd waarop Nederlandse vrouwen hun eerste kind krijgen in 2024 opnieuw gestegen en wel tot 30,4 jaar. Een klein stapje omhoog, maar eentje die past in een al decennialange trend.
Disclaimer: In dit artikel nemen we een luchtige kijk op cijfers over moederschap, maar we realiseren ons dat dit onderwerp voor veel mensen gevoelig kan zijn. Niet iedereen kiest bewust voor (later) ouderschap — soms duurt het even of lukt het helemaal niet. Of je nu jong of ouder moeder wordt, nooit moeder wordt of onderweg uitdagingen tegenkomt: jouw verhaal telt. De cijfers zijn algemeen, de levens daarachter zijn persoonlijk.
Dertigers in de luiers
In 2023 was de gemiddelde leeftijd bij het eerste kind nog 30,3 jaar. En het jaar daarvoor? Ook 30,3. Maar nu dus 30,4. Een schijnbaar klein verschil, maar het vertelt wel een groter verhaal: steeds minder twintigers en juist meer dertigers wagen zich aan de luiers, slapeloze nachten en wipstoeltjes. Tien jaar geleden kregen nog bijna 57 op de 1000 vrouwen tussen de 25 en 30 hun eerste kind. Nu zijn dat er nog maar 42. De 35-plussers daarentegen rukken op: van 19 naar ruim 20.
Even terugspoelen: baby’s in de jaren ’60
In 1969 lag de gemiddelde leeftijd voor een eerste kind op 24,3 jaar. Daarna schoof het stap voor stap op. En hoewel we van 2004 tot 2014 even op 29,4 jaar bleven hangen, ging het na 2015 weer gestaag omhoog. Nu zitten we dus op 30,4. En dat is best hoog, zeker vergeleken met de rest van Europa. Alleen in Italië, Spanje en Ierland zijn moeders gemiddeld nog iets ouder.
In 2024 werden zo’n 77.000 vrouwen voor het eerst moeder — een kleine stijging ten opzichte van het jaar ervoor. Ook het totaal aantal geboortes nam iets toe. Opvallend: ondanks drukke levens, veranderende carrières en stijgende huizenprijzen, kiest nog altijd zo’n 8 op de 10 vrouwen uiteindelijk voor het moederschap. Toch blijft het zogeheten vruchtbaarheidscijfer stabiel op 1,43 kind per vrouw. Dat lijkt misschien weinig, maar het past in een dalende trend die al jaren gaande is — met alleen een korte opleving in het coronajaar 2021.
Vaders? Die zijn altijd al iets later
De mannen lopen trouwens wat achter – gemiddeld zo’n 2,5 jaar. Dus als moeders gemiddeld 30,4 zijn, verschonen vaders voor het eerst hun kind op ongeveer 32,9-jarige leeftijd.
Waarom later?
Het aantal jonge moeders neemt af, maar het totaal aantal moeders in Nederland? Dat blijft hoog: bijna 5 miljoen vrouwen hebben minstens één kind. Het merendeel wordt uiteindelijk moeder, alleen gebeurt dat simpelweg wat later. Zo is begin 2025 nog maar 20 procent van de vrouwen tussen de 25 en 30 moeder. Tien jaar geleden was dat 30 procent. Toch blijft het aandeel vrouwen dat uiteindelijk moeder wordt rond de 80 procent schommelen.
Nederlandse vrouwen stellen het moederschap uit, maar laten het niet schieten. De kinderwens blijft, alleen komt-ie wat later op de planning. Dus: geen haast, geen stress. De redenen voor dit alles? Studie, werk, woningnood, persoonlijke ontwikkeling… of gewoon eerst nog even drie keer naar Bali en een puppy. En als je wél graag kinderen wilt maar het niet vanzelf gaat: weet dat je niet alleen bent — we denken aan je.









