Veel vrouwen die denken dat ze angsten hebben, hebben eigenlijk dit – en de behandeling is totaal anders
Getty Images

Steeds meer vrouwen die dachten dat ze last hadden van een angststoornis, komen erachter dat het al die tijd OCD (dwangstoornis) was. Symptomen rondom angsten van de twee lijken op elkaar, maar de behandelingen die je nodig hebt zijn toch echt anders - en daar ligt een belangrijk verschil.
Dit is hoe je volgens experts onderscheid kunt maken tussen de twee, en waarom therapie voor angststoornis juist averechts kan werken voor OCD-angsten.
Als je angsten obsessief blijken
Het grootste deel van haar kinder- en tienerjaren dacht Emily Stetzer (inmiddels 31) dat ze een gegeneraliseerde angststoornis (GAS) had; dat dachten haar ouders en de schooldecaan immers ook. Als kind was ze altijd enorm zenuwachtig als ze haar ouders moest verlaten om naar school te gaan, en elke avond biechtte ze angstig dingen op die volgens haar 'slecht' waren aan zichzelf.
Maar haar angsten waren veel heviger - en haast willekeuriger - dan bij de meeste anderen. Tijdens haar studietijd kreeg ze last van opdringerige gedachten over haar seksuele geaardheid (hoe wist ze nu echt op welk geslacht ze viel?) en angsten rondom besmetting. Ze herinnert zich dat ze met vrienden in een steegje bij een bar stond en naar huis moest rennen om te douchen, alleen maar omdat ze de bakstenen muur had aangeraakt. Toen ze uiteindelijk naar een therapeut stapte, kreeg ze tijdens de eerste sessie de diagnose obsessieve-compulsieve stoornis (OCD, in het Nederlands ook wel dwangstoornis of OCS).
Angstgevoelens en OCD
Stetzer is een van de vele mensen die erachter kwamen dat ze OCD hadden, nadat ze jarenlang hadden gedacht dat ze aan een angststoornis leden. En dat is logisch: angstgevoelens maken deel uit van OCD, zegt Simone Leavell-Bruce, een psychotherapeut die gespecialiseerd is in deze stoornis. Bovendien zijn de gedachten bij een dwangstoornis vaak zo verontrustend en beladen met taboe, dat veel mensen met de aandoening hun obsessies en compulsies niet hardop uitspreken; hierdoor is het lastig om de juiste diagnose te stellen.
Wel belangrijk om te benoemen: een gerichte diagnose is cruciaal bij OCD, omdat de behandeling totaal anders is dan die voor gegeneraliseerde angst. Sterker nog: traditionele gesprekstherapie kan de symptomen van een dwangstoornis zelfs verergeren. ‘Als je je verhaal niet deelt met de juiste persoon – iemand die verstand heeft van al die verschillende verschijningsvormen van OCD – blijf je er alleen mee zitten,’ zegt Stetzer.
Wat is OCD?
‘OCD is als angst op steroïden,’ zegt Leavell-Bruce. ‘Je hebt vreselijke, opdringerige gedachten en beelden die steeds weer in je hoofd opkomen en maar niet ophouden.’ Bij OCD worden deze gedachten 'obsessies' genoemd, en ze worden altijd gevolgd door 'compulsies' (dwanghandelingen), aldus psycholoog Levi Riven (PhD).
De obsessie draait meestal om een bepaalde twijfel, en de dwanghandeling (of het ritueel) probeert die twijfel het zwijgen op te leggen of troost en zekerheid te bieden. Neem een stereotiep voorbeeld van een dwangstoornis: iemand kan een opdringerige gedachte krijgen over ziektekiemen op de handen en de angst om ziek te worden, en vervolgens dwangmatig de handen grondig wassen om er zeker van te zijn dat ze schoon zijn.
Geen ‘gewone’ reactie
De reactie op een obsessie bij OCD is meestal meer atypisch en groter dan de reactie van de gemiddelde persoon, aldus Leavell-Bruce. Dit leidt tot herhaaldelijke onderbrekingen van het dagelijks leven. Als een patiënt met gezondheids-OCD lichte kiespijn heeft, staat diegene de volgende dag misschien al bij de tandarts; of een alledaagse hoofdpijn kan ertoe leiden dat iemand in de wachtkamer van de spoedeisende hulp belandt, in grote stress over welke vreselijke ziekte diegene misschien wel heeft.
Wat OCD niet is: |
|---|
Hoe vaak je mensen ook hebt horen zeggen ‘Ik ben zo OCD’ terwijl ze spullen op de boekenplank rechtzetten of het aanrecht afnemen: OCD is niet zo simpel als houden van orde en netheid, en het is zeker geen bijvoeglijk naamwoord. OCD is een ernstige psychische aandoening die iemands leven, relaties en zelfbeeld kan ontwrichten. En smetvrees-OCD - de variant waarbij iemand dwangmatig schoonmaakt of de handen wast - is slechts een van de vele subtypen van de stoornis. |
Volgens het UMCG heeft ongeveer één op de honderd volwassenen in Nederland een dwangstoornis; de symptomen manifesteren zich meestal tussen 7 en 12 jaar oud en in de jongvolwassenheid, rond 20 jaar oud. Vrouwen lijken ook vatbaarder te zijn voor de aandoening; uit een overzichtsstudie bleek dat vrouwen mogelijk 1,6 keer meer kans hebben op OCD dan mannen.
Wat onderscheidt OCD van angst?
Angst is een natuurlijk emotioneel bijproduct van OCD, waardoor het lastig kan zijn om het onderscheid tussen beide te maken, aldus Riven. Toch zijn er vier belangrijke kenmerken die OCD onderscheiden:
1. Je obsessies zijn ongewoon voor anderen
Waar gegeneraliseerde angststoornis (GAS) zich vaak richt op alledaagse angsten, zijn de zorgen – of obsessies – bij OCD ongewoner of afwijkender, vooral voor mensen die de aandoening niet hebben. Waar je bij angsten kunt piekeren om te falen tijdens een belangrijke presentatie, piekert iemand met OCD misschien dat diegene plotseling scheldwoorden gebruikt of racistische uitspraken doet.
Obsessies kunnen ook vaak bizar, verrassend en taboedoorbrekend zijn. Veelvoorkomende thema's bij OCD zijn onder meer de angst dat je in het geheim pedofiel bent, opdringerige gedachten dat je anderen schade hebt toegebracht – of daartoe in staat bent – en verwarrende, allesoverheersende twijfels over je seksualiteit.
Dit brengt ons bij een kernaspect van OCD: obsessies zijn doorgaans ego-dystoon, wat betekent dat ze in strijd zijn met iemands waarden, moraal en zelfbeeld, aldus Riven. (Denk bijvoorbeeld aan iemand die bang is pedofiel of racistisch te zijn, maar dat in werkelijkheid niet is.) De zaken waar mensen met OCD zich zorgen over maken – zoals iemand kwaad doen – zijn juist de dingen die ze absoluut niet willen doen. ‘Dat is wat OCD zo beangstigend maakt: het confronteert je met iets dat je totaal niet in jezelf herkent,’ zegt Leavell-Bruce.
Veelvoorkomende obsessies zijn onder meer:
- Smetvrees: de extreme angst om in aanraking te komen met ziektekiemen, ziekten of vuil waardoor je besmet zou kunnen raken
- Angst om iemand kwaad te doen, of de angst dat je dat al hebt gedaan zonder dat je het weet of je het kunt herinneren
- Overmatige bezorgdheid over de gezondheid, zoals de angst voor een niet-gediagnosticeerde aandoening of de angst er een te ontwikkelen
- Opdringerige gedachten, angsten en twijfels over seksualiteit en gender
- Een overweldigende behoefte aan symmetrie, orde of het gevoel dat alles "precies goed" moet zijn
2. Elke obsessie gaat gepaard met een dwanghandeling (compulsie)
Bij OCD is er altijd sprake van dwanghandelingen, zegt Leavell-Bruce; maar ze zien er niet altijd uit zoals je misschien verwacht. Bij OCD denken de meeste mensen waarschijnlijk aan dwangmatig handen wassen, schoonmaken of andere fysieke rituelen, maar veel dwanghandelingen spelen zich volledig in het hoofd af.
In plaats van fysiek te controleren of geruststelling van buitenaf te zoeken, doorlopen veel mensen met OCD een intern controle- of piekerproces om zich beter te voelen, aldus Riven. Mentale dwanghandelingen kunnen net zo reëel en overweldigend zijn als fysieke handelingen.
Veelvoorkomende dwanghandelingen zijn onder meer:
- Het vermijden van een stressvolle prikkel of gedachte
- Voortdurend om geruststelling vragen bij anderen
- Controleren of je iets wel of niet hebt gedaan
- Overmatig schoonmaken van een ruimte of jezelf
- Overmatig piekeren over een obsessie
- Ervoor zorgen dat dingen "precies goed" zijn
- Tellen
- Ordenen of rangschikken
Uit een recent onderzoek, gepubliceerd in Psychological Assessment onder 641 OCD-patiënten, bleek dat er wel 62 unieke dwangrituelen voorkomen. Binnen dit brede spectrum aan fysieke en mentale rituelen kwamen vermijding, geruststelling zoeken, controleren en schoonmaken of handenwassen het vaakst voor.
Dwanghandelingen vormen ook de kern van de behandeling van OCD (daarover later meer). Het uitvoeren (of juist niet uitvoeren) van deze rituelen kan namelijk het verschil maken tussen het verminderen van OCD-symptomen en het verergeren ervan.
3. Je gepieker – of diepgaande denkproces – ziet er anders uit
Omdat piekeren (langdurig en diepgaand nadenken over één specifieke zorg, in de hoop deze beter te begrijpen) ook voorkomt bij een gegeneraliseerde angststoornis, kan het lastig zijn om het te herkennen als een dwanghandeling bij OCD (obsessieve-compulsieve stoornis). Dit is het verschil:
- Iemand met een gegeneraliseerde angststoornis gebruikt piekeren als een manier om ‘te anticiperen op mogelijke rampen en manieren te vinden om deze te voorkomen’, aldus Riven. Diegene kan keuzes tegen elkaar afwegen (zoals de mate van voorbereiding op een presentatie) en zich druk maken over het nemen van de verkeerde beslissing.
- Iemand met OCD-gerelateerde dwangmatige piekergedachten raakt daarentegen verstrikt in het piekeren. Hierbij worden bijvoorbeeld herinneringen aan eerdere acties geanalyseerd, eigen interesses en verlangens getoetst, of wordt zelfs geprobeerd ‘slechte gedachten’ te compenseren met ‘goede gedachten’. Je stelt jezelf gerust dat iets wel of niet is gebeurd, of je controleert herinneringen en emoties om er zeker van te zijn dat bepaalde opdringerige gedachten niet echt waar zijn.
4. Traditionele therapie helpt niet om je beter te voelen
Bij reguliere cognitieve gedragstherapie (CGT) ontleedt een therapeut de angst van de patiënt om te helpen begrijpen waar deze vandaan komt, en om de zogenaamde dreigingen in een ander daglicht te zien, aldus Riven. Volgens het National Institute of Mental Health wordt CGT algemeen beschouwd als de beste therapie voor de behandeling van gegeneraliseerde angststoornis.
Maar voor iemand met OCD maakt het proberen te doorgronden van een irrationele obsessie de situatie alleen maar erger. Als iemand bijvoorbeeld een opdringerige gedachte (intrusive thought) heeft dat hij/zij/hen iemand kwaad zou kunnen doen (een veelvoorkomende OCD-obsessie), heeft het weinig zin om te achterhalen waar in de persoonlijke geschiedenis die gedachte vandaan komt; de gedachte is immers nergens op gebaseerd. (Nogmaals: OCD-gedachten staan vaak haaks op wat iemand werkelijk gelooft of wil.)
‘Als niet duidelijk is dat iemand OCD heeft en er alleen sprake is van angst, kan een therapeut zich met goede bedoelingen richten op het bieden van veel geruststelling; maar dit houdt de twijfelcyclus juist in stand,’ zegt Riven. Dat is bijna hetzelfde als een hond belonen met een snoepje telkens wanneer hij blaft, zegt Leavell-Bruce. Het versterkt het idee dat de obsessie een reële bedreiging vormt en aandacht verdient, waardoor de obsessie zelf sterker wordt. Gespecialiseerde hulp van een therapeut die is opgeleid in de behandeling van OCD – en die je die geruststelling juist *niet* geeft – kan het verschil maken.
Behandelingen voor OCD
Hoewel het krijgen van een diagnose OCD (dwangstoornis) in eerste instantie beangstigend kan zijn, is er reden tot optimisme: OCD is heel goed te behandelen, aldus Riven. De gouden standaard voor de behandeling van OCD is 'exposure and response prevention'-therapie, oftewel ERP (blootstelling met responspreventie). Er is veel wetenschappelijk bewijs dat aantoont dat ERP voor mensen met OCD over het algemeen veel beter werkt dan reguliere cognitieve gedragstherapie (CGT).
Hoewel de tijd die nodig is om resultaat te zien van ERP-therapie per persoon verschilt, bleek uit een recente studie in BMC Psychiatry onder 110 volwassenen met OCD dat de symptomen aanzienlijk afnamen – gemeten volgens de Yale-Brown Obsessive-Compulsive Scale – na 20 therapiesessies (twee keer per week), oftewel slechts 10 weken therapie. Bovendien namen bij de deelnemers de depressieve klachten af en verbeterde het dagelijks functioneren na afloop van de 20 sessies.
Hoe werkt ERP-therapie?
Het hele idee achter ERP, zo legt Leavell-Bruce uit, is om patiënten bloot te stellen aan de obsessies zonder toe te geven aan de dwanghandelingen. Bij een patiënt met smetvrees (een vorm van OCD) kan de therapeut de patiënt bijvoorbeeld vragen de vloer aan te raken en vervolgens met de handen over het gezicht, de armen en het lichaam te wrijven. Klinkt misschien extreem, maar het heeft echt bewezen effect.
In plaats van de patiënt gerust te stellen of de betekenis achter de obsessie te onderzoeken, zal een in ERP geschoolde therapeut de 'worst-case scenario's' van de obsessie ter plekke doorlopen. ‘Dan zeg ik niet: 'Nee, je bent niet vies', maar juist: 'Tja, misschien ben je wel vies'’, zegt Leavell-Bruce. Misschien krijgt die persoon wel uitslag of moet hij overgeven; dat valt niet met honderd procent zekerheid te zeggen. ‘Weten we wat er op de vloer ligt? Nee, dat weten we niet. Dat is het antwoord. Wanneer de obsessie opkomt, is het antwoord altijd: 'Ik weet het niet'.’
Zulke blootstellingen kunnen op het moment zelf heel angstaanjagend aanvoelen. Maar na verloop van tijd leren de hersenen en het lichaam van de patiënt dat obsessies - en onzekerheid op zich - geen reële bedreiging vormen, waardoor de angst en paniek vanzelf afnemen. ‘Het is heel krachtig om dat tijdens de sessie te zien gebeuren, en nog krachtiger om te zien dat dit zich week na week herhaalt en hun leven verandert,’ zegt Leavell-Bruce.
Allisons ervaring met ERP-therapie
Bij Allison (25) werd vorig jaar OCD (dwangstoornis) vastgesteld, nadat ze plotseling last kreeg van opdringerige gedachten dat ze anderen op haar werk schade had toegebracht. Ze wilde continu bevestiging van anderen dat ze dat niet had gedaan. (Ze vroeg om in dit artikel onder een pseudoniem te worden benoemd, omdat er bij het grote publiek zoveel onbegrip bestaat over deze opdringerige gedachten dat het delen van je verhaal - of zelfs alleen al de diagnose - als een groot risico kan voelen.)
Tijdens haar ERP-sessies speelde Allison deze scenario's door en onderzocht ze wat er met haar zou gebeuren als ze waar zouden zijn. De eerste sessies waren loodzwaar: ze herinnert zich hoe ze snikkend in de spreekkamer van haar therapeut zat terwijl ze de mogelijkheid bespraken dat ze in de gevangenis zou sterven. Maar gedurende twee maanden maakte Allison een totale transformatie door: door de onzekerheid te verkennen, verloren haar obsessies plotseling hun greep op haar. Nu, een jaar later, zegt ze dat ze nauwelijks nog last heeft van OCD-symptomen: ‘Als er obsessies opkomen, voel ik me heel goed in staat om ermee om te gaan.’
Wat als je zowel OCD als angststoornis hebt?
Sommige mensen hebben daadwerkelijk te maken met zowel OCD als een andere angststoornis (comorbiditeit), aldus Leavell-Bruce. Uit een meta-analyse in Frontiers in Psychiatry bleek dat van een gecombineerde groep van 15.808 mensen met OCD, 69% een psychiatrische aandoening ernaast had. De meest voorkomende aandoeningen waren een depressieve stoornis, gegeneraliseerde angststoornis (GAS) en neurobiologische ontwikkelingsstoornissen.
Bij een dubbele diagnose met gegeneraliseerde angststoornis merkt Leavell-Bruce dat het eerst behandelen van OCD – als de primaire aandoening – vaak een positief effect heeft op de gegeneraliseerde angst.
Denk je dat jij OCD hebt?
Als je vermoedt dat je OCD hebt, houd er dan rekening mee dat alleen een geschoolde behandelaar de diagnose kan stellen en de behandeling kan verzorgen. ‘Ontdekken dat je OCD hebt en die duidelijkheid krijgen, is een heel belangrijk startpunt om daadwerkelijk blijvende verlichting te vinden,’ zegt Riven.
Contact opnemen met je huisarts is daarbij de eerste stap. Twijfel je of je deze stap wil zetten, wil je jouw klachten graag met iemand anders bespreken of wil je eerst graag meer weten over dwang- of angststoornissen? Elke werkdag van 10:00 tot 14:00 uur zitten ervaringsdeskundige vrijwilligers van patiëntenvereniging Angst, Dwang en Fobie (ADF) stichting voor je klaar, telefonisch bereikbaar via 0343 – 753 009.
Dit is een syndication van Women's Health US.
Volg je Women's Health al op Facebook, Instagram en TikTok? Je kunt je ook inschrijven voor onze nieuwsbrief.
Onder de Cover is de podcast van Women's Health. Nieuwe afleveringen verschijnen op Spotify, Apple en via Podimo. Tip: zet je notificaties aan, en vergeet niet te abonneren!
Volg je Women's Health al op Google Discover?
Mis nooit meer een artikel over mentaal en fysiek in beweging blijven, voeding of vrouwengezondheid in Google Discover. Volg Women's Health via deze link en klik op 'Volgen op Google'.






















