Pompons en een spagaat? Dit is wat cheerleading als sport écht is
Getty Images

Je hebt het vast weleens gezien in Amerikaanse films: cheerleaders die aan de zijkant staan om de football game op te vrolijken. Maar het cheerleaden verdient meer dan een plek aan de zijlijn. De sport komt van oorsprong weliswaar uit de VS, maar volgens Louis van den Eijnden - voorzitter van Cheersport Netherlands (CSN) - is het ook in Nederland flink gegroeid. En daarbij gaat het niet alleen om de pompons, maar ook om serieuze stunts.
Wat is cheerleading eigenlijk precies? Waarom heeft deze sport in Nederland nog zo weinig in de spotlight gestaan? Louis van den Eijnden legt uit.
Performance Cheer versus Stunting Cheer
Binnen de cheer-sport bestaan er verschillende disciplines. Bij CSN kennen ze twee varianten. Performance Cheer en Stunting Cheer. Bij Performance Cheer is het een technische dans waarbij het hele team meewerkt aan formaties en gymnastische draaien en sprongen. Bij Stunting Cheer worden er verschillende trucs gecombineerd. Er zitten stunts in, waarbij de flyer omhoog getild en gegooid wordt door de bases en backspots (de atleten die op de grond staan). Tussendoor zitten er flikflakken, salto’s én een stukje dans verweven in de routine.
Beide disciplines zijn sporten op zichzelf en zijn dus niet per definitie bedoeld om andere sporten aan te moedigen, zoals je in films vaak ziet.
Meer dan alleen aanmoedigen
Ondanks de indrukwekkende oefeningen die ze uitvoeren, is de cheer-sport relatief klein en onbekend in ons land. Vaak hebben mensen een verkeerd beeld van cheerleading. Volgens Van den Eijnden komt dit door de origine van de sport. ‘Cheerleading is ook begonnen met een groep meiden die een ander team aanmoedigen. Dat beeld is vaak blijven hangen bij mensen.’
Maar, de sport heeft een groei doorgemaakt. ‘Nu heeft de sport zich zo ontwikkeld dat het meer is dan alleen dat. Je moet hierbij goed samenwerken en erg op elkaar moet vertrouwen. Je kan namelijk vrij snel blessures krijgen. Het is tegenwoordig dan ook een sport op zichzelf met zijn eigen competities.’
Hechte banden
Dat iedereen zo erg moet samenwerken om er te staan op competities heeft volgens Van den Eijnden voordelen. ‘Ik gun iedereen de ervaring van de cheer-sport. Het is een echte teamsport; je bouwt zo snel een band op met elkaar omdat je zo erg met elkaar moet samenwerken. Waar je bij voetbal nog spelers kan wisselen, kan dat bij onze sport niet. Iedereen heeft zo’n specifieke taak. Als één iemand ziek is, kan bijvoorbeeld een hele oefening niet doorgaan.’
Met het oog op de toekomst
De cheer-sport heeft vaak nog de naam dat het dient ter aanmoediging van andere wedstrijden. Dat het hierbij ook om een serieuze sport gaat, mag wel wat meer in de aandacht komen. De voorzitter hoopt dat de sport binnen Nederland nog meer gaat groeien. Afgelopen jaren zijn er al een aantal nieuwe clubs ontstaan en telt de CSN totaal 670 atleten. De club is actief bezig met het enthousiast krijgen voor de sport. Zo bieden ze cursussen voor coaches en workshops voor atleten aan. Daarnaast is CSN een aspirant lid van NOC*NSF geworden.
Associeerde je cheerleading voorheen nog vooral met dansjes en pompons, dan heb je je kennis nu in ieder geval een beetje verrijkt. Eén ding is in ieder geval duidelijk: het is een sport die het verdient serieus genomen te worden, én die we ook vol enthousiasme mogen aanmoedigen.
Volg je Women's Health al op Facebook, Instagram en TikTok? Je kunt je ook inschrijven voor onze nieuwsbrief.













