Leesverhaal

Deel 2 leesverhaal 'De nachten zijn voor mij':'Was verliefd en wist z'n naam niet'

Update: 4 augustus 2026 om 10:36
Praat mee!

Dupe Photos

Dupe Photos

De zomer is perfect voor lang tafelen, mooie vakanties en ontspannende stranddagen. En wat is nu beter dan op zo'n zwoele zomeravond meegevoerd worden in een meeslepend verhaal? Hoofdredacteur Lara schreef leesverhaal 'De nachten zijn voor mij' - een stuk over liefde, verlies en hoe iets wat ooit vanzelfsprekend voelde langzaam kan veranderen in een breekpunt...

In het gloednieuwe zomerboek met Julia Heetman op de cover lees je van A tot Z hoe dit verhaal afloopt. Hieronder vind je het tweede deel, en de komende weken zullen we ook de andere delen met je delen.

Vorige week deelden we deel 1 - die lees je hier (let op: deel 1 van het verhaal bevat elementen van huiselijk geweld). Hieronder lees je het vervolg.

Koningsdag 2019

27 april, 2019. Zeven jaar geleden zag ik hem staan tussen wat bekenden. Hij torende een beetje boven de mensenmassa uit, zijn blik tegen het arrogante aan. Mijn verstand dacht ‘rennen’ en toch verdween het ritme van de straatmuziek uit mijn lijf bij die eerste oogopslag en stond ik stil om naar hem te staren.

Ik weet nog dat de straten oranje ademden, dat de zon overdadig scheen en dat hij een te warme, gebreide trui met een v-hals droeg, iets te krap voor zijn brede schouders, in de kleur net-niet-sinaasappel. Zijn Koningsdag-outfit oogde een beetje treurig, maar het leek hem niet te deren. Hij stond er comfortabel bij, met in elke hand een pul bier, en lachte flauwtjes vanuit zijn ivoren toren naar zijn vrienden, die gierend over elkaar heen vielen omdat een van hen al twerkend een vrouw probeerde te versieren.

Door een oranje bril

Mijn maag kneep samen toen zijn ijsblauwe ogen mijn kant uit schoten. Voor mijn voeten het startsein om zonder enige angst zijn richting uit te stappen. In mijn hoofd woedde een wervelstorm van mogelijke openingszinnen. Bij de laatste passen ging de storm liggen en rolde er alleen een zucht over mijn lippen. Ik keek naar hem op, zijn frons tuurde stekelig terug. Even dacht ik dat hij geen zin had in een praatje, maar het bleek de felle zon te zijn waar zijn ogen aan moesten wennen. Hij schonk me een glimlach waar ik de laatste maanden vaak verlangend aan terugdenk. Daar, midden op straat in Den Bosch, viel ik harder dan ooit. Ik was smoorverliefd en wist niet eens zijn naam.

‘Je weet dat dit geen oranje is?’ Ik plukte wat aan de stof van zijn trui, die van dichtbij vaal roze bleek te zijn. Hij grijnsde ingehouden. ‘En jouw moeder heeft je geleerd niet zomaar aan een vreemde te zitten, toch?’ Ik deed een stap dichterbij. ‘Je bent een vriend van Wout, dus zo vreemd ben je niet. Al kun je waarschijnlijk ook zo goed dansen?’ Ik knikte richting zijn twerkende vriend. Hij bromde wat, dat hij niet het dansende type was, dat hij sowieso nog niet genoeg had gedronken. Ondanks het sluimerende ongemak voelde de cadans van het gesprek natuurlijk. We deden allebei ons best om elkaar te voorzien van snedig commentaar. Zijn schouders zakten, mijn maag ontspande.

Onrustig, op een goede manier

‘En wat doe jij, als je niet op straat staart naar mannen in foute truien?’ vroeg hij, en nam een grote slok van zijn bier. Ik vertelde hem over mijn studie, half afgemaakt, en over het bijbaantje in een kroeg verderop waar ik ’s avonds werkte om het collegegeld bij elkaar te schrapen. Hij knikte, alsof dat hem niet verbaasde. ‘Jij hoort hier te zijn’, zei hij toen, met een armzwaai die de hele straat omvatte, de muziek, de mensen, de geur van bier en gefrituurd vlees die overal hing. ‘Ik bedoel, kijk om je heen. Iedereen doet maar wat, niemand weet eigenlijk waar hij naar op weg is. En jij staat hier, met die blik, alsof je allang weet hoe het verhaal afloopt.’ Ik lachte, iets te hard. ‘Dat weet ik dus juist niet. Helemaal niet, eigenlijk.’ ‘Mooi’, zei hij. ‘Dat maakt het interessanter.’

Er viel een stilte die niet ongemakkelijk was, het soort stilte waarin twee mensen elkaar toestaan even niets te moeten zijn. Ergens achter ons barstte een groepje in luid gejoel uit om iets wat ik niet had gezien, maar geen van ons keek om. Hij bestudeerde mijn gezicht met een intensiteit die ik op een ander moment misschien indringend zou hebben gevonden, maar die nu vooral warm aanvoelde. Alsof ik voor het eerst in lange tijd echt werd gezien. ‘Je hebt iets’, zei hij uiteindelijk, en fronste, als zocht hij naar het juiste woord. ‘Iets onrustigs. Op een goede manier.’

Ik wist niet wat ik daarop moest zeggen, dus zei ik niets, en glimlachte alleen, en voelde mijn wangen warm worden. Van de zon, hield ik mezelf voor, al wist ik wel beter.

Zoete kus

Zijn vriendengroep, inclusief mijn vriendinnen en ik, verplaatste zich naar een plein dieper in de binnenstad. Zijn hand vond die van mij en tussen onze handpalmen hielden we de spanning vast. Nog voordat hij mij de kroeg kon binnentrekken waarin de rest verdween, hield ik hem tegen. ‘Zullen we even buiten blijven?’ Hij knikte. We zeiden allebei niets, we stonden daar maar. Om ons heen een continue stroom van lallende feestvierders, gezichten zag ik niet. Ik keek alleen naar hem. Naar het ijs in zijn blauwe ogen, dat leek te smelten terwijl ik mijn gezicht dichter bij dat van hem bracht.

Toen hij me kuste, smaakte het naar bier en zonnebrandcrème en iets zoets, een snoepje misschien, dat hij eerder die middag van iemand had gekregen. Het was geen perfecte kus – onze neuzen botsten eerst en hij lachte erom, tegen mijn mond aan, wat het op een vreemde manier alleen maar beter maakte. Even, heel even, leek de wereld om ons heen weg te vallen: geen muziek meer, geen mensen, alleen de warmte van zijn handen op mijn rug en de zekerheid – onlogisch, onverklaarbaar, maar onmiskenbaar – dat ik dit gezicht al heel lang kende, ook al had ik het nog maar een paar uur eerder voor het eerst gezien.

Slechts een herinnering

Die avond eindigde ergens rond zonsopkomst, met natte sokken van een fontein waar we per ongeluk, of misschien niet helemaal per ongeluk, in waren beland. En met een telefoonnummer dat ik op mijn arm had laten schrijven omdat geen van ons een telefoon binnen handbereik had.

De inkt was de volgende ochtend voor de helft uitgelopen door het zweet, en toen ik de cijfers die overbleven probeerde te bellen, kreeg ik een verkeerde persoon aan de lijn: een verbaasde oudere man die mompelde dat hij niemand kende die Kasper heette. Ik heb er met mijn vriendinnen smakelijk om gelachen en het er verder bij gelaten. Een leuke herinnering, niet meer dan dat. We zagen elkaar daarna nooit meer terug. En zijn naam – die ik die ochtend tussen het lachen door eindelijk had gevraagd – verdween langzaam naar de achtergrond van mijn geheugen, tot ergens diep weggestopt onder zeven jaar van andere dingen.

Het is dan ook niet meer dan een vluchtige herinnering, een fragment uit een tijd waarin alles nog licht voelde. Wat ik op dat moment niet kon weten, was dat het pad van die jongen met de net-niet-oranje trui zich ooit weer met het mijne zou kruisen op een vreemd toevallige manier, jaren later.

Binnenkort meer

Zit je op het puntje van je stoel? Geen zorgen, binnenkort zul je het vervolg op onze site lezen! En kun je nu echt niet wachten, dan lees je 'm in één keer helemaal - samen met nog heel veel andere inspirerende verhalen en artikel over sport, gezondheid en meer - in de nieuwste editie.

Het tijdschrift met Julia Heetman op de cover ligt nu in de winkels - en hier kan je 'm online bestellen. Wees er snel bij, want op = op! Het zomerboek liever in de brievenbus ontvangen? Word abonnee en ontvang altijd als eerste de nieuwste editie van WH. 

Volg je Women's Health al op FacebookInstagram en TikTok? Je kunt je ook inschrijven voor onze nieuwsbrief.

Volg je Women's Health al op Google Discover?

Mis nooit meer een artikel over mentaal en fysiek in beweging blijven, voeding of vrouwengezondheid in Google Discover. Volg Women's Health via deze link en klik op 'Volgen op Google'.