Openwaterzwemster Sharon van Rouwendaal: ‘Ik ben vaak veel te diep gegaan’
Sharon van Rouwendaal (31) is wereldwijd bekend als de beste openwaterzwemster aller tijden, een resultaat van een harde leerschool en een onuitputtelijk doorzettingsvermogen. Nu heeft ze een stap teruggedaan en gaat ze voor een gezondere aanpak.
Getty Images

Twee keer Olympisch kampioen, vier keer wereldkampioen, acht keer Europees kampioen. Haar prestaties laten zien dat we hier te maken hebben met de beste openwaterzwemster aller tijden. Pas als je verder kijkt dan alleen de titels, krijg je een idee van hoe Sharon van Rouwendaal in elkaar zit. Tijdens de Olympische Spelen van Parijs was zij een van de weinige zwemsters die de dag voor de grote wedstrijd de veelbesproken Seine in sprong voor een laatste training: andere atleten waren te bang om ziek te worden in het vervuilde water – bij veel regen komt het riool van heel Parijs erin terecht. ‘No way dat ik zo’n kans laat schieten. Niet als het me in mijn belangrijkste race een voordeel kan opleveren.’ Na zeventig minuten in het behoorlijk vuile water wist ze precies hoe de stroming liep, wat de ideale lijn was en waar haar kansen lagen. En die heeft ze gepakt. Na een fenomenaal sterke race van tien kilometer tikte Sharon als eerste aan, acht jaar na haar eerste gouden olympische medaille in Rio de Janeiro. ‘Al die jaren van keihard trainen hebben ervoor gezorgd dat ik met overmacht kon winnen. Ik was volledig in controle.’
Harde leerschool
Die bikkelharde training is iets wat in elk interview met Sharon terugkomt. Hoe kan het ook anders? Op haar route naar olympisch goud nam Sharon nooit de makkelijkste afslagen. Op dertienjarige leeftijd verliet ze haar ouderlijk huis om in Zuid-Frankrijk in te trekken bij haar zwemcoach Alexis Pannier, die later werd aangehouden op verdenking van seksueel misbruik van een andere zwemster. Op school voelde Sharon zich een buitenbeentje, ze werd gepest en had een juf met losse handjes. Ze was vaak eenzaam. Zwemmen en atletiek vormden haar houvast. Op haar twintigste begon ze bij een andere Franse coach, Philippe Lucas. Hij stond bekend om zijn meedogenloze trainingsregime; psychologische spelletjes, vernedering, uitputtende trainingen en verbale agressie, maar voor Sharon werkte die aanpak. ‘Ik bouwde een mentale hardheid en focus op waar ik elke dag profijt van heb. Hij triggerde een soort “Ik laat je wel zien dat ik het kan!”-reactie in mij.’ Niet zo gek dat ze in de zwemwereld en media bekendstond als harde vrouw met hoge muren om zich heen.
Betrokken coach
Na Parijs maakte Sharon bekend dat ze rust en afstand tot de topsport nodig heeft. Ze wil voor nu focussen op het delen van haar kennis: van privélessen in het zwembadje in haar eigen tuin tot het geven van zwemkampen op Mallorca, en van masterclasses tot inspirerende spreekklussen. ‘Als ik zelf goed zwem, dan heb alleen ik daar iets aan. Maar als ik een groep mensen kan coachen, ze beter kan maken, dan geeft me dat veel meer voldoening. Ik help mensen hun techniek te verbeteren en hun doelen te bereiken.’ Aangezien ze zelf vrij strenge coaches heeft gehad, zou je wellicht verwachten dat Sharon als coach ook behoorlijk pittig is, maar dat valt volgens haar mee. ‘Natuurlijk herken ik bepaalde eigenschappen in mezelf als coach die ik absoluut te danken heb aan mijn eigen trainers. Ik ben bijvoorbeeld heel gedisciplineerd, dat verwacht ik ook van mijn deelnemers. Laatst werd een sessie verstoord door een groep jongeren, ze draaiden harde muziek en hadden een grote mond. Ze trainden wel, maar zaten continu op hun telefoons en waren afgeleid. Nou, zoiets is voor mij ondenkbaar. Ik had dat groepje maar al te graag een week naar mijn oude coach Philippe Lucas gestuurd om ze wat respect en discipline bij te leren.’
Sharon heeft hoge verwachtingen van haar deelnemers, maar is als coach ook erg betrokken. ‘Ik lig vaak in het water, doe slagen voor en help met techniekaanwijzingen. Daarom word ik regelmatig scheef aangekeken door andere coaches, maar voor mij is dit de beste manier. Van beginners tot grote talenten, iedereen kan bij mij nog iets leren, en daar stem ik de training op af.’ Nog belangrijker dan de progressie in het zwemmen is voor Sharon het sociale aspect van groepstrainingen. ‘Ik zie hoe mensen steeds nieuwe dingen oppakken en ook echt het verschil voelen in hun lichaam, hoe vriendschappen ontstaan tussen mensen van over de hele wereld doordat ze bij mij komen trainen. Daar word ik oprecht enorm gelukkig van.’ Overigens begon Sharon al voor de Olympische Spelen van Parijs met coachen. Dat heeft haar naar eigen zeggen ook een betere zwemster gemaakt. ‘Ik leerde om tijdens het zwemmen beter naar de signalen van mijn lichaam te luisteren, zodat ik vervolgens specifiekere instructies kon geven. Zo kon ik beter inschatten hoe ik mijn energie moest verdelen. Daar had ik in Parijs veel profijt van.’
Meer balans
In haar zwaarste trainingsjaren zwom Sharon zo’n tachtig tot honderdtien kilometer per week, met zeven tot negen uur training per dag. Zelfs voor topsporters is dat een extreem trainingsregime. ‘Mijn leven bestond uit trainen en slapen, verder niets. Ik had amper de tijd om even naar de supermarkt te gaan, laat staan een sociaal leven te leiden.
's Ochtends begon ik vaak voor zes uur met trainen, ’s middags deed ik een dutje, daarna ging ik weer trainen en ’s avonds dook ik vroeg mijn bed in. Doordat mijn Franse coach me zo pushte, ben ik vaak veel te diep gegaan, ik trainde door blessures en pijn heen. Achteraf had ik veel pijn kunnen voorkomen door goed op te warmen en naar mijn lichaam te luisteren.’ Pas toen ze de overstap maakte naar Bernd Berkhahn, haar Duitse coach waar ze sinds 2020 zwom, heeft Sharon geleerd om voor een training ook in te checken bij haarzelf. ‘Zijn trainingsadvies kan ik nu doorgeven aan de mensen die ik coach. Ik bepaal elke dag opnieuw: wat is nu de beste, meest gezonde keuze? Is dit het juiste moment voor zo’n zware training? Wat heeft diegene, of ikzelf, nu nodig? Mijn lessen beginnen bijvoorbeeld altijd met een goede warming-up en veel techniek, ik stuur je nooit zomaar het water in. Dat maakt het voor beginners ook veel toegankelijker.’
Ook in haar eigen training zoekt Sharon tegenwoordig naar een gezonde balans. ‘Ik heb veel energie, daarom moet ik elke dag even bewegen en sporten, maar ik sport wel minder dan tijdens mijn carrière. Misschien negentig minuten per dag. Dan ga ik joggen, zwemmen of doe kracht- en mobiliteitsoefeningen om blessures te voorkomen.’ Minder trainen betekent ook minder dutjes, maar dan nog heeft Sharon nu veel meer energie. ‘Toen ik ook later op de dag trainde, stond ik ’s avonds vaak nog aan van de adrenaline en kon ik niet in slaap vallen, ook al was ik doodmoe. Zo werden de dutjes overdag langer, wat mijn ritme steeds meer verstoorde. En dat achttien jaar lang. Nu slaap ik eindelijk lekker.’
Wat als..?
‘Soms denk ik terug aan het begin van mijn sportcarrière en vraag ik me af hoe ik bepaalde dingen anders had kunnen doen. Hoe was het geweest als ik veel eerder was begonnen met een goede warming-up en meer balans in mijn leven had aangebracht, had ik dan mijn vervelende schouderblessure kunnen voorkomen? En hoe zou mijn privéleven eruitzien als ik niet op mijn dertiende uit huis was gegaan? Dat was wel erg vroeg. De afgelopen achttien jaar heb ik mijn ouders heel weinig gezien. Ik heb zo veel gemist, van bijzondere momenten tot verjaardagen – zelfs mijn eigen verjaardag heb ik vaak geskipt omdat die in de start van het seizoen viel. Net als de crematie van mijn oma in 2014. Nu denk ik: hallo, je had toen gewoon in dat vliegtuig moeten stappen. Nu ik wat ouder ben, vraag ik me toch af: waar doe ik het allemaal voor? Voor die medaille die je dan om je nek hangt? En dan? Vorig jaar ging ik naar de bruiloft van een vriendin die de topsport al acht jaar eerder achter zich had gelaten. Ik zag hoe gelukkig ze was met haar gewone leven en alles wat ze had opgebouwd. Dat zette me aan het denken. Er is echt meer in het leven dan topsport.’
Tegenwoordig woont Sharon, als ze niet ergens op een warm eiland aan het coachen is, in Nederland in dezelfde straat als haar ouders. Elke dag gaan ze gezellig samen koffiedrinken. Kunnen ze de gemiste tijd nog inhalen? ‘Mijn vader heeft een spierziekte en mijn moeder is al drie keer geopereerd aan haar rug. Hun gezondheid zorgt er ook voor dat ik nog meer tijd met ze wil doorbrengen. Als ik nu een goedbetaalde baan aangeboden krijg waarvoor ik moet verhuizen naar het buitenland, dan zeg ik nee. Dat zou me niet gelukkig maken. Even barbecueën bij mijn broer op zaterdag of wandelen met de honden, dat is wat ik wil. Mijn familie maakt me gelukkig. Ik wil bij hen zijn nu het kan.’
Grote liefde, Rio
Als vrouw van begin dertig krijgt Sharon vaak de vraag of het niet tijd is voor een partner in haar leven, wellicht kinderen. Daar heeft ze een duidelijk antwoord op. ‘Ik ben zó gelukkig op dit moment. Ik heb mijn familie, mijn honden, een nieuwe manier van werken die ik tof vind en waar ik goed in wil zijn. Ik zie oprecht niet wat een man nu zou toevoegen aan mijn leven.
Dat haar honden heel belangrijk zijn voor Sharon werd vorig jaar duidelijk. In aanloop naar de Spelen van Parijs overleed haar hondje Rio door complicaties na een operatie. ‘Ik was er kapot van. Hij was alles voor me, mijn beste vriend. Ik dacht er zelfs aan om te stoppen met zwemmen, ik zat er helemaal doorheen. Het was mijn vader die zei dat ik juist voor Rio moest zwemmen.’ Dat deed ze, en hóé. Het moment dat ze uit het water kwam, waren haar emoties duidelijk zichtbaar. De sterke vrouw met de hoge muren om zich heen zakte in tranen op de grond, wijzend naar de tatoeage van hondenpootjes op haar pols. De beelden gingen de wereld over. Dat doet nog steeds zeer, er komen nog altijd tranen op bij de gedachte aan haar grote verlies. ‘Ik heb nu twee hondjes waaraan ik erg gehecht ben en die me zo gelukkig maken. Maar als ik terugdenk aan dat moment, voel ik weer die steek in mijn hart. Ik weet niet of ik ooit kan wennen aan die pijn, daarom probeer ik er blij mee te zijn dat ik zo veel liefde kan voelen voor dieren.’
Door of niet?
Na haar overwinning in Parijs was de hele wereld benieuwd naar hoe het nu verder gaat voor haar, maar daar geeft Sharon heel bewust nog geen antwoord op. ‘Iedereen is nieuwsgierig, dat begrijp ik. Maar ik heb de knoop nog niet doorgehakt.’ 2024 was een zwaar jaar, fysiek en emotioneel. Sharon wil goed de tijd nemen om daarvan te herstellen. ‘Ik zit nog steeds in die landingsfase, ben nog vaak moe en heb behoefte aan rust. Laatst stonden er ineens ’s avonds om zeven uur buren voor de deur om te vragen of ik meeging naar een pubquiz, maar ik had mijn pyjama al aan. Laat mij maar lekker met de hondjes op de bank liggen. Dat is prima nu.’
© Getty ImagesDit artikel werd gepubliceerd in Women’s Health Zomerboek 2025.




